Duiken in Staphorst, je maakt wat mee als Archimedes duiker….

Zaterdagmiddag, het regent. Duco en ik hebben een duikafspraak met ons duikteam Archimedes bij de Beerenburgplas in Staphorst. We gaan het buitenduik seizoen afsluiten met een duik met mariniers. Ik ben benieuwd…

Kwart over een zijn we er. We zijn de eerste. Mooi, dan kan Duco nog even pipo’en. Terwijl ik Duco uitlaat zie ik aan de overkant wat vage lieden met een witte Volkswagen bus met iets er achter rond rommelen. Het zullen wel vissers zijn….

Als we terugkomen zijn er meer Archimedes leden gearriveerd. We gaan naar de waterkant.

Plotseling komt van de overkant een rubberboot snel naar ons toe en legt aan. Twee militairachtig geklede mannen klimmen er uit. Ze stellen zich voor als Anno en Berend. Zij zijn de marinier duikinstructeurs. Zij verzorgen onze instructie vanmiddag.

De lading van de rubberboot wordt gelost. Voor ons ligt even later een vrijwel volledige duikuitrusting voor een marinier (De wapens zijn jammer genoeg op de kazerne gebleven…). Eerst vertelt Anno hoe ze marinier duiker zijn geworden (Mariniersopleiding, groene baret verworven (=commando opleiding afgemaakt) en daarna nog 42 weken opleiding tot duiker). Van de 16 kandidaten (allemaal al marinier en/of commando) die per jaar worden geselecteerd maken 4 de duikopleiding af. Ze laten foto’s zien van hoe het er in werkelijkheid toegaat, waar ze oefenen en ze vertellen over hun apparatuur. Mariniers duiken met een rebreather (Geen luchtbellen dus ook geen sporen) en ademen 100% zuurstof. In principe wordt niet dieper dan 10 meter gedoken om zuurstofvergiftiging te voorkomen. Tijdens de opleiding leren ze om een ondergedoken duikboot verlaten via een luchtsluis / ontsnappingsluik of via een torpedobuis. Ze kunnen een duik starten na een parachutesprong boven water en doen dit soms vanaf zesduizend meter hoogte. Ook moeten ze in het donker op kompas van buiten een haven naar een schip kunnen zwemmen en daar bommetjes onder plaatsen (Ik vermoed dat deze schepen van de boze vijand moeten zijn). Ook onderzoeken ze of er bommetjes zijn geplaatst. (Vermoedelijk doen ze dit bij eigen schepen. Ik bedenk dit zelf. Ik heb dat deel van het verhaal gemist omdat Duco er vandoor ging).

Na deze uiteenzetting gaf onze voorzitter, de kapitein der Genie A.F.Zandstra (b.d.) het commando "Pak aan" want wij moesten ook nog duiken. Een kompasduik op de marine manier. Eerst werd ons het marine duikkompas uitgelegd en uitgereikt. Dit is een groot bol kompas op een harde plank waar je ook een dieptemeter en een horloge op kan monteren. Met een breekstaafje kan een stipje licht worden gemaakt om de kompasroos te kunnen zien. Tijdens het duiken let de voorste duiker uitsluitend op het kompas, de anderen (ook wel genoemd de pakezels want die dragen de bommetjes, de ladders, de munitie en zo…) volgen.

Duikdiepte: 3 meter.

Midden in de plas werd een boei gelegd en wij gingen vier bij vier aan boord van de rubberboot. De rol achterover werd ons uitgelegd ("Zo ver mogelijk naar achteren zitten en geen salto"), de trim ("Het water tot de duikbril" ) en hoe het kompas in te stellen. Daarna werden we verspreid over de plas we met grote snelheid maar toch ook heel zorgvuldig en goed geïnstrueerd gedropt.

Op kompas naar de boei.

Ik mocht het kompas doen en zwom met Henk en Albert. De eerste keer kwamen we aardig in de richting maar stegen we te vroeg op. Voor we de tweede poging ondernamen vroegen mijn buddy’s of ik iets langzamer wilde zwemmen. Dat bracht mij van mijn stuk. Ik ging daarna zo diep dat Albert zijn volgboeitje onder water trok en kwam ruim achter de boei omhoog. Toch weer te hard gezwommen? Nou ja, we rekenden uit dat we met zijn drieën 190 jaar waren, als je dan nog niet mag dementeren….En bovendien, de richting was wel goed geweest.

Even later werden we door de rubberboot opgepikt. Standaardprocedure: eerst je lood afgeven (Je blijft dan drijven), daarna je duikset en daarna zelf aan boord (Sprintje in het water en hup in de boot).

Ik dacht dat we klaar waren maar het mooiste moest nog komen….

"Wel", zei één van de instructeurs: "Als we nou de sets aan land leggen dan kunnen we daarna ook nog even laten zien hoe je terwijl de rubberboot op snelheid is toch in het water kan springen". Dat niet tegen dovemansoren gezegd. Al gauw scheurde de rubberboot de plas rond met Archimedes figuren in neopreen werd ons uitgelegd dat je met je aan de achterzijde van de rubberboot "gewoon" overboord kon stappen. Je stuitert er dan op je achterwerk in.

Ik heb dat twee keer gedaan. Het was GEWELDIG. De coördinatie bij mij was de tweede keer, waarschijnlijk omdat we toen nog wat harder gingen dan eerst, iets minder perfect waardoor ik wat teveel stuiterde en nu met pijn in mijn nek achter de computer zit. Dat mag de pret niet drukken, ik doe het zo weer. Hoewel, ze vertelden dat de rubberboot 60 km/u kan varen maar ik betwijfel of ik dan nog wel durf. 59 Km/ uur misschien nog wel? Ik wil dat toch nog eens weten…..

Aan het einde van de oefening werden we vlak bij de kant overboord gezet en kwamen Egbert en Simon er nog even achter waarom mariniers bij altijd een hard hoedje op hebben. Dan hoeven ze voor ze uit de boot rollen niet achterom te kijken Simon….

Daarna omkleden en naar de auto van Henk. De verzorging (In legertermen CADI en destijds op oefening in Duitsland "Heinrich mit der Panzerkuchen") was weer geweldig. Erwtensoep met worst, belegde broodjes, koffie, thee het was er allemaal.

Ik heb een geweldige middag gehad. Alle mensen die dit hebben georganiseerd bedankt. Een speciaal bedankje voor de instructeurs Anno en Berend. Zonder hen was dit niet mogelijk geweest en van hun uitnodiging om met Duikteam Archimedes nog eens een dag marine te proeven in Den Helder zal ik graag gebruik maken.

Kees Alberts

foto's Rudy Schutten